Klankbeeld 

 

 

 

Marinus ontwikkelde in de jaren 20 naast het met vlotte hand schilderen van de natuur het schilderen van fantasiewerken met soms een religieuze achtergrond. Werken als ' ode aan de zon', 'nachtegalenzang' en ook afbeeldingen met religieuze achtergronden werden tussen de bedrijven door gemaakt, ' als afwisseling', zo kunnen we opmaken uit een recentie uit NRC 22/2/1931...

Achterop het schilderij Nachtegalenzang

Nachtegalenzang

 

In De Standaard (1932) wordt het werk als volgt beschreven:

 

... Nog een enkel woord over het 'abstracte' dat de schilder concreet heeft trachten weer te geven.  Het gezang van sommige vogels, het sterven van een bloem in lijnen en kleuren. Uit welk oogpunt moeten we dat bezien? Er bestaat in de klankenleer reeds een theorie, volgens welke elke toon een kleur vertegenwoordigd. De kleur van een contrabas is zwart, die van een violoncel bruin tot geel. De kleur van het geluid van een klarinet zou geel zijn en van een trombone is in staat naast helder wit een klank te geven die doet denken aan doorschijnend ongekleurd glas. Volgens die theorie deugen ze niet, maar we vermoeden dat de schilder dat ook niet bedoelde en we moeten de wijze bewonderen waarop hij zijn indrukken heeft kunnen weergeven.

JMK

Nachtegalenzang

Verleiding

Kikkerconcert